Arzúa, 29 september 2024, 20.45pm
Qua fietstocht heb ik vandaag niet zo’n heel interessant verhaal, maar het verhaal van de dag is natuurlijk wel: dit was uiteindelijk de dag met de allermeeste hoogtemeters! Dat had ik nou totáál niet verwacht! Vandaag 1448 meters omhoog. Uhh, natuurlijk ook ongeveer net zoveel meters omlaag, maar dat zal begrijpelijk zijn.
In die zin kon ik wel terugdenken aan de tocht door de heuvels westelijk van Parijs, toen ik ook, nogal onverwacht, meer dan 1300 hoogtemeters ‘maakte’. Toen verdeeld over 110 kilometer, nu over maar 80. Ik ging er, ten onrechte, vanuit dat we nu zo’n beetje uit het echte berggebied zouden rijden. Dat klopte ook wel, maar ja: in het heuvelland is het op en neer, en op en neer, en op en neer. En dat telt ‘in the end’ nog harder aan.
Maar het maakte ook, dat deze dag toch lang niet zo zwaar voelde als de voorgaande twee, met de zware tocht omhoog met kou, regen, hagel en wind en de mooie maar superzware klimtocht van gisteren, met een tiental kilometers met tien procent klimmen. Zo ver ging ’t vandaag niet. Al was die klim van 10 kilometer lang heus heel zwaar. En… vooral: die onverwachte drie klimpartijen aan het eind, toen we ’t eigenlijk – dom, dom, dom – niet meer verwachtten, zelfs net een heerlijke lunch (spaghetti carbonara) met een biertje erbij hadden genoten.
We vertrokken vanmorgen uit Sarria om direct aan een vier kilometer-klim te beginnen. Achter ons kwam de zon op en bescheen de wolken tot knaloranje. Inmiddels zijn er nóg meer wandelaars, camino-wandelaars, bijgekomen, want veel (vooral Spanjaarden) doen alleen de laatste 200 kilometer, toch goed voor een certificaat, en die beginnen dan in Sarria.
Mooi heuvellandschap. De lage, nieuwe zon verlicht de toppen van de geschakeerde loofbomen in het bos op een feeërieke manier. En over die toppen kun je vaak ver weg het dal in kijken. We gaan nog een tijd langs die heuveltoppen, met zelfs een hele lange klim over een brede asfaltweg.
Het is zondag, weinig verkeer. Maar ook maar weinig dorpen en waar we door dorpen komen, zie ik nauwelijks kerken om even snel op de foto te zetten.
Uiteindelijk volgt er toch een spectaculaire afdeling van zo’n 400 meter en daarna is het landschap veranderd. Meer lage heuvels en meer boerenland, meer dorpjes.
Bij Portomarin gaan we over een brug over een leegstaand stuwmeer. De restanten van de middeleeuwse brug zijn diep beneden nog te zien. De hoge brug gaat rechtstreeks naar ’t oude stadje. Daar bij de oude stoere romaanse kerk een koffie en een broodje; we hebben er 25 kilometer op zitten.
Direct na Portomarin de lange klim van 12 kilometer. Doen we ruim anderhalf uur over. Langzaam, dat wel, maar je kruipt maar weer in je hoofd; klimmen is vooral een mentaal dingetje, dat weet ik nu wel. Altijd duiveltjes in je hoofd die zeggen: man, stop! Maar je kunt gewoon doorgaan, stom liedje in je hoofd op de repeteerstand. Eigenlijk is ’t gewoon wel ‘lekker’.
Na deze klim ineens een heel ander traject. Het nieuwe stuk gaat mee met de wandelaars. Een breed pad slingert door de heuvels, door boerendorpjes, waar altijd wel weer albergues zijn en terrasjes waar de wandelaars een pauze houden. Daar pakken wij ook een keer zo’n terrasje. Ik weer een koffie – Luca noemt ’t mijn gasolina – en Luka een cola.
Wolfgang pikt ons ook weer een keer op. Hij rijdt andere mountainbike-trails, is soms wat vooruit, soms wat achterop.
We komen uit op een provinciale weg, die echt onwijs niet-leuk is. We zijn nu gelukkig op een zondag; op een doordeweekse dag rijd je hier zomaar tussen al het stinkende verkeer, en dat ook nog met heel wat klimmeters.
Dat gaat zo door tot Melide. In dat stadje komen alle wandelaars er weer bij. Overigens hebben ook de wandelaars kilometers door lelijk land moeten lopen.
In Melide, waar we nog 15 kilometer te gaan hebben, zijgen we neer bij een eettentje en nemen we een midddagmaaltijd met een biertje erbij; ik dus een spaghetti carbonara. Heerlijk om daar een klein uurtje te verpozen.
En dan pakken we de laatste 15 kilometer naar Arzúa. Ik had toch niet echt goed gekeken naar de kaartjes en ’t verhaal in m’n boek: er kwamen nog drie klimopdrachten om de hoek, alle drie een paar kilometer lang en twee ervan met een flink gemiddeld verhang van zo’n 6,5 procent.
Nee, voor Luca was dat niet meer goed te doen. Hij klaagde dat hij nooit al dat eten had moeten nemen vóór deze beklimmingen. Ik had daar totaal geen last van. Sterker nog: ik begon te hopen, dat ’t er zóveel zouden worden, dat ik m’n record zou verbreken. En dat gebeurde ook nog! ’t Waren prima klimmetjes om dik in te gaan hangen, zogezegd; tja, die mentale kwestie.
In Arzúa aangekomen, was m’n voorsprong op Luca aanzienlijk. Ik zat al ’n tijdje bij te kletsen met Wolfgang, die al had gemeld waar-ie was en dat-ie al ’n grote pot bier achterover had. Even kijken waar Luca blijft en daar zag ik ‘m die ellenlange rechte weg op komen… lopend met de fiets aan de hand. Het was ‘m toch teveel geworden. Ja, Luca, leuke surprise voor je verjaardag.
Luca is vandaag 22 geworden en nadat we ingecheckt bij de albergue slechts 20 meter verderop, gedoucht en uitgerust zijn, gaan we even lekker eten in stad. Wolfgang en ik trakteren Luca. Fijn hoor, zulke contacten onderweg; fijne mensen, gezellige gesprekken.
Inmiddels is ’t helemaal donker geworden. Luca kwam welterusten zeggen, hij is wel ’n beetje aan z’n einde, heeft veel zin om morgenavond naar huis te vliegen. Morgen gaan we waarschijnlijk al om 7 uur fietsen, want Luca moet nog heel wat regelen voor z’n vlucht, en vooral voor het meenemen van z’n fiets, wil graag om uur of 11 al in Santiago zijn. We vinden ’t nu alle drie wel leuk om gezamenlijk aan te komen. Dus dat gaat vast gebeuren.
Hoe ’t er morgen uit gaat zien, ik heb nog geen idee. Iedere dag komen er 2000 tot 3000 camino-pelgrims aan in Santiago de Compostela. Misschien is ’t wel een beetje een ‘bummer’, die drukte. Ik ga ’t meemaken. En daarna maar eens even rust, tijd en aandacht voor wat er dan allemaal te doen staat. Komt ’t nog van een fietstocht naar de kust? Ik weet ’t niet. Morgen valt ’t nog mee met ’t weer, al krijgen we vast buien, maar overmorgen en woensdag lijkt ’t ronduit slecht te worden.
- Terug naar Santiago de Compostela – by bike
- Terug naar 26e etappe (vorige pagina)
- Verder naar 28e etappe (volgende pagina)
