Verkenningen voor de “Hollandse Veerpontjestourfietsronde”

“Wat heb ik ervan genoten. Met copietjes van de knooppunten in mijn fietstasje en de knooppunten app op de Telf. was de route makkelijk te vinden.
Daarbij stralend weer, de leukste pontjes verstopt in het land, de gezellige schippers, het werd een prachtige fietstocht.
Dank je wel voor het maken van deze route.
Vriendelijk groet,
Gonny”
(dit berichtje kwam gisteren bij me binnen)

Ja, het is écht weer pontjestijd. Veel recreatiepontjes varen alleen van half juni tot half september. Voordien en nadien vaak alleen ’s weekends.
We hebben weer 3 dagen ‘gepontjesfietst’. Drie etappes van de a.s. ‘Hollandse Veerpontjestourfietsronde’, langs de Maas, langs de Nederrijn, de Lek, de Linge… Prachtig weer, leuke gesprekjes met het pontvolk. En… heerlijk fietsen over de oude dijken.
Wat is er nou nóg fijner?! Ik zou het wérkelijk niet weten! 😉

Grensfietsen Reprise – deel 3 – Gelderland (Achterhoek)

Weer drie dagen gefietst! Het is veel te droog natuurlijk, dit is helemaal niet goed voor de natuur, niet goed voor de landbouw. Maar het valt niet te ontkennen, dat het gewéldig fietsweer is!

We starten in Enschede. Eerst met de trein, met fietsen en hond, twee keer overstappen en dan toch maar eerst op de Oude Markt van Enschede een eerste kop koffie. Het doel voor deze 3 daagse: de Achterhoek! Uiteindelijk zijn we in Enschede nog niet bij de Gelderse grens en zijn we in Nijmegen nog (net) niet bij de Limburgse grens, maar toch: dit is Gelderland, dit is de Achterhoek. En het mag gezegd worden: een fenomenaal stukje Nederlands achterland. Een stuk grensland met heel veel échte grenslandstreken en paden langs en vaak ook kilometerslang pal óp de grens. Paden die niet in officiële knooppuntenroutes zijn opgenomen. Paden die heel aardig fietsbaar zijn als je een klein beetje spartaans durft te fietsen. Wij hebben bij elkaar hooguit een paar honderd meter het zand te diep gevonden, éven de fiets aan de hand genomen.
Nochtans: tuurlijk gaat deze herontdekkingsreis uiteindelijk uitmonden in een A- en een B-route, voor de asfaltliefhebbers én voor de grens-‘die hards’! 😉

Bij Glanerbrug naar het zuiden, langs het Aamsveen, het Witte Veen en later het geweldig mooie Haaksbergerveen en zo komen we, na een fijne verpozing bij de Duitse Haarmühle, bij de Gelderse grens.

Het Krosewicker Grenzwald is echt een gewéldige grensbeleving, met oude grenspalen pal langs het pad op de houtwal.
Bij Zwillbrock door het natuurgebied langs de vennen, waar je naar de flamingo’s kunt kijken. Uniek in Nederland. O nee, een paar honderd meter in Duitsland!

(Deze collage maakte Fenny toen we in de trein terug naar Groningen zaten. ;-))

En dan kom je écht in de Achterhoek. De wijdse streek die helemaal om Winterswijk heen krult. Je kunt zomaar een dag fietsen met telkens Winterswijk binnen tien kilometer van je pad. De verschillende streekjes van noordelijk, via oostelijk tot zuidelijk van Winterswijk: Meddo, Huppel, Ratum, Kotten en Woold. Je treft hier grenspalen van honderden jaren oud. Op herinneringspalen wordt ‘de conferentie van Burlo’ – we fietsen er vlak langs – vermeld: in 1766 zijn toen de grenzen weer eens goed geijkt.

Daarna gaat de landsgrens westelijk waar de ‘Driehonderdmeterweg’ kilometerslang een boerenweg vormt op… driehonderd meter van de grens. Het mooie is, dat je een flink stuk hier de boerenweg kunt inwisselen voor het boerenpad dat óp de grens loopt. Heerlijk fietsen hier, langs de oude grenspalen op de trekkersporen. En soms op een soort van paardenpad, maar 50 centimeter breed.

Dinxperlo is een heel bijzondere plek om uit te komen. Hier loopt de grens dwars door het dorp heen. Er is zelfs een bejaardentehuis over de grensweg heen gebouwd. Dat is pas internationale verbroedering. Veel informatie op straat te lezen, op grote panelen, over de geschiedenis van de landsgrens, toen de landen echt gescheiden waren en grensbewaking een grote rol speelde. In Dinxperlo kun je het grenslandmuseum bezoeken.

Daarna door het Nederlandse ‘schiereiland’, wijds boerenland, naar Mechelen en weer terug langs ‘de andere kant’ tot aan ‘s-Heerenberg, een mooi antiek stadje met een geweldig robuust en toch romantische omgracht kasteel. In ‘s-Heerenberg neem je ook het Nachtegaalslaantje. Het is maar 300 meter, maar misschien wel (samen met de Agnesallee) het mooiste fietslaantje van Nederland.

Duitsland in, naar Elten, een schiereiland van Duitsland dat Nederland insteekt. Ook hier bijzondere geschiedenis. Lees maar over de ‘Butternacht’, de bijzondere ‘smokkelpraktijk’ tijdens de nacht, dat Elten in 1963 weer bij Duitsland ging horen.

Na Elten komt de Rijn. Die steken we over bij Millingen en dan pakken we een mooie (er zijn eigenlijk alleen maar mooie), maar vlotte fietsroute naar Nijmegen. Nog een fijne lunch bij de Thornse Molen vlakbij Leuth, en dan zit onze Gelderland-tocht erop. Binnenkort maar eens plannen, wanneer we Limburg in gaan! Nu in ieder geval weer 3 heerlijke grensfietsdagen gehad. En de nodige ‘redactie’ over de grensroute zit alweer in ’t hoofd, om later verder uit te werken.

Grensfietsen Reprise – deel 2 : Twente

Maandag 21 (70 km) en dinsdag 22 april (80 km) voor de 2e keer op pad voor de hernieuwde Grensfietsen.NL-ronde langs Nederland. Twee weken terug van Nieuwe Statenzijl naar Coevorden, nu van Coevorden op ’t randje van Twente en het graafschap Bentheim tot Glanerbrug. In Enschede de trein weer gepakt.
Heerlijk fietsen weer. Een oude grens. Glooiend land bij de Twentse stuwwal. Een geweldig mooi ‘vergeten stukje Nederland’ in de taartpunt van Lattrop met dikke vrijstaande eiken in de wei. En wel 20 kilometer fietsen bovenop de grens door geweldig natuurgebied.
De 17e eeuwse grenspaal bij Driland is nu een toeristische attractie geworden, met veel informatie en een uitrustheuveltje.
De grenspaal bij Breklenkamp ligt ook na 5 jaar nog steeds op z’n zijkant op een boerenopslagerfje.
Aan het einde een zonnig terras op de Oude Markt in Enschede. En daar de trein weer gepakt.

Na vijf jaar: de nieuwe grensfietstocht is gestart!

In juni 2020 startte ik met mijn fietstocht langs de grens. Hele andere tijden, hoewel Trump toen ook aan de macht was. Naar Rome fietsen kon niet: corona. Langs de grens fietsen, het leek me een leuk idee. Dat het zou leiden tot deze website en de publicatie van een boek, waar ik nog steeds heel trots op ben, dat bevroedde ik toen totaal nog niet.
Inmiddels is het boek uitverkocht.

 Met net zoveel zin als vijf jaar geleden ben ik begonnen aan het nogmaals fietsen van de gehele route. Ik heb daarbij 2 doelen:

1. Weer even goed feeling krijgen bij de mooie route.
De afgelopen jaren is er regelmatig via andere grensfietsers, veelal met mijn boek en route-informatie bij de hand, contact met mij gezocht. Leuke anekdotes, tips over zaken die mij eertijds ontgaan zijn, omissies en correcties, alles kwam voorbij. Dat neem ik nu allemaal mee.

2. Het voorbereiden van een nieuwe editie van het boek. 
Ik hoop dat het lukt om uiterlijk voorjaar 2026, bij de start van het fietsseizoen, opnieuw een boek uit te brengen, een herziene versie van het huidige boek. Hoogstwaarschijnlijk wordt het een ander soort boek, minder een ‘leesboek’ en meer een handzaam boek om te gebruiken tijdens de fietstocht zelf. Meer nadruk op de fietsondersteuning en minder op de ‘grensverhalen’. Overigens blijft er altijd http://www.grensfietsen.nl voor heel veel meer uitleg en verhalen. Het lijkt me zelfs goed mogelijk, dat er twee boekjes komen, eentje over de Duitsland-Nederland-grens en eentje over de België-Nederland-grens.

Op 7, 8 en 9 april ben ik al op pad geweest, samen met vriendin en hond deze keer. We hebben het eerste stuk, staande voor de eerste twee Grensfietsen-etappes gefietst, begeleid door een stralende zon en een windje in de rug. Het was, hoezeer ook ’s morgens vroeg best koud, een heerlijke tocht. Deze tocht leverde op aardig wat plekken alweer tips en hints richting aanpassingen aan de originele route, of tenminste het meenemen van alternatieven.

7 april: (1) de Kiekkaste bij Nieuwe Statenzijl, het startpunt van Grensfietsen.NL; (2) een statige boerderij in Bellingwolde; (3) op de oude grenspaal in het zuiden van De Lethe.

8 april: (1) grenspaal bij de sloot achter Wessingtange; (2) bij de grensovergang Ter Apel, restaurant Zollhoes; (3) het ‘drielandenpunt’: Duitsland, Groningen, Drenthe. 

9 april: (1) gerestaureerde grenspaal achter het Bargerveen; (2) Saksische boerderij in Middendorp, Schoonebeek; (3) een ja-knikker aan de Duitse kant van het Schoonebeker Diep. 

Grensfietsers delen ervaringen op de Grensfietsen.NL facebookpagina

Het is erg leuk om te zien, hoe inmiddels de grensfietsers hun ervaringen delen op de Facebookpagina van Grensfietsen.NL. Het ontdekken van deze prachtige cultuur-historische én natuurgeniet-fietstocht kan zo wat meer gepromoot worden bij de honderdduizend potentiële grensfietsers, die er in Nederland moeten zijn! 😉

Hier is de link, reeds 82 (a.s.) grensfietsers gingen u voor! 😉

https://www.facebook.com/groups/774524833269192

De nieuwe grenspalen achter het Bargerveen aan het langste stuk kaarsrechte grens van Nederland

Dit stuk van de Grensfietsen-route reed ik eind juni 2020. Het was ’t tweede blokje fietsdagen; halverwege juni had ik, komende vanaf Groningen, de Groninger oostgrens verkend. De verkenning van Drenthe deed ik vanaf een camping bij Barger-Oosterveen, dichtbij het natuurpark Bargerveen, in de zuidoosthoek van Drenthe.

Ik kwam vanuit de zuidelijke kant het Bargerveen in en wilde afslaan naar het fietspad noordelijk óp de grens. Ik wist al: daar staan oude grenspalen, die in restauratie zijn. De ondergrond hier is hoogveen. Alleen al tussen 1950 en nu is het maaiveld een volle meter ingeklonken. Dat heeft nogal wat effect gehad op de grenspalen. Ook de oudere grenspalen waren al ‘vastgezet’ op een flink bakstenen fundament, met palen diep het veen in. En toch… de boel was weer enorm verzakt; de grenspalen schots en scheef en diep in het veen. Zie de foto van ‘vroeger’.

Maar in juni 2020 kon ik met m’n nieuwsgierigheid nergens naartoe, want… het fietspad naar en langs de grens was… gesloten!! Gedurende 2020 werd er gewerkt aan het opknappen van de ‘kade’ langs het natuurgebied. Je denkt nog even: hmm, hoezo ‘kade’, maar als je er bent, dan zie je wel wat ’t betekent: het hoogveennatuurgebied ligt meters hoger dan het landbouwgebied aan alle kanten om het natuurgebied heen.

Hierbij dus een bekentenis: ik heb dit stuk van de grens, het oostelijk deel van het Bargerveen, in 2020 helemaal niet gefietst! Ik mocht er niet komen! En… nu heb ik ’t wél gefietst! Vorige week was ik er, maakten we een rondje door en om het Bargerveen heen. Een bijzondere ervaring: ik heb helemaal niet gerekend op zo’n wijds en open en ‘profi’ fietspad.
Om nog maar niet te spreken van de nieuwe grenspalen. Wat een bouwwerken zeg! Zoiets tref je verder nergens in (en om) Nederland. Ze zien er waarschijnlijk ongeveer zo uit zoals de oude er, toen ze nieuw waren, ook moeten hebben uitgezien. De bakstenen constructie rust op een bed van houten balken een metertje bóven het maaiveld. De veronderstelling is er dus, dat ook deze constructie nog een flink eind kan zakken.

Er is veel aandacht besteed aan de informatievoorziening voor passanten (wandelaars en fietsers). Bij de nieuwe grenspalen staan bordjes met veel info over de geschiedenis. Maar inmiddels is er ook sprake van heel veel informatiebordjes die verwijzen naar de geschiedenis van dit hoogveengebied. Er woont nu niemand meer, maar her en der stonden boerderijtjes die tot in de jaren vijftig werden bewoond. Je verbeeldingskracht krijgt een mooie ondersteuning door de oude foto’s van de huisjes en de families die eertijds in dit gebied een hard bestaan hebben geleid.

Vanaf de grensovergang oostelijk van Nieuw-Schoonebeek (Europaweg) gaat de grens hier kaarsrecht noordelijk, 18 kilometer, tot aan Schwartenberg, oostelijk van Emmer-Compascuum.

Nieuwe uitkijktoren op de grens bij Hulst (Zeeuws Vlaanderen)

Inwoners van Hulst in Nederland en Stekene in het Waasland hebben de nieuwe uitkijktoren Niemandsland ingehuldigd. Het is een uitkijkpunt in de Wase bossen met zicht op de polders. De toren staat vlakbij grenspaal 281 en is een symbool van de verbondenheid tussen Zeeuws-Vlaanderen en het Waasland. 

De uitkijktoren van 22 meter hoog staat vlakbij ’t Vossenhol, net op de grens met Nederland. De inwoners mochten hem als eersten beklimmen. Voor de toren werd in 2020 een architectuurwedstrijd georganiseerd. Raakvlak Architecten, een architectenbureau uit het Waasland, won met deze slanke Spaanse toren.

“We hebben een fantastisch panoramisch uitzicht, prachtig landschap van natuur, agrarische gebieden, velden, wegen en in de verte als een stipje zie je de torens van Doel. Het is een uitzicht dat je anders in deze streek niet tot stand kan brengen”, klinkt het enthousiast bij Richard Meerschaert, de directeur van EGTS Linieland van Hulst en Waas.

Bericht van VRT.be; lees het gehele bericht op de website van VRT

Grenspaal bij het Hedwige-Prosperproject teruggeplaatst (Zeeland.nl)

De Commissaris van de Koning van de Provincie Zeeland, Han Polman, en de gouverneur van de Provincie Oost-Vlaanderen, Carina Van Cauter, hebben vandaag in bijzijn van de burgemeesters van Hulst en Beveren grenspaal 269A onthuld.

Voor de uitvoering van het Hedwige-Prosperproject werd deze grenspaal, die eerst op de Scheldedijk stond, in 2020 weggehaald. De grenspaal heeft nu een plekje gekregen op de nieuwe zeedijk.

Het Hedwige-Prosperproject is onderdeel van het Natuurpakket Westerschelde aan de Nederlandse zijde en van het Sigmaplan aan de Vlaamse zijde. In dit grensgebied trekken beide landen samen op om de waardevolle getijdennatuur te herstellen en ontwikkelen. Volgens de huidige planning van het project komen eb en vloed hier volgende maand weer terug en ontstaat langzaam een natuurgebied met slikken en schorren. Inmiddels zijn de polders al ver omgevormd. Zo is een nieuwe zeedijk aangelegd, zijn geulen gegraven, vogelbroedeilanden ingericht, worden de Scheldedijk en Sieperdadijk gefaseerd afgegraven en zijn de contouren van de Panoramaheuvel al zichtbaar.

Lees verder op Zeeland.nl

 

Wat ontbreekt er op het kaartje van de Nederlandse icoon-fietsroutes?

Is het niet fantastisch?
Kijk je naar de kaart met de officiële (ANWB, Nationaal Fietsplatform), dan zie je dat de mooiste streken van Nederland niét ingevuld zijn. Laten dat nu net de gebieden zijn, waar Grensfietsen.NL zich op richt. Naast de fascinatie voor het grenslandschap: je treft op en rond de grens de mooiste natuurgebieden!

Natuurlijk heb ik contact gezocht met de landelijke fietsplatforms. Dat heeft me een heel praktisch dingetje geleerd: het aanbieden van een “makkelijker en luxer” route-alternatief. Vandaar dus de A en de B-route. De A-route volgt vaak de officiële knooppunten, maar ook als dat even niet lukt, dan nog zijn het nette boerenwegen en/of fietspaden.
De B-route is voor de echte grens-‘diehard’.

Met het Fietsplatform heb ik al in 2021 contact gezocht. Nee, de Grensfietsen.NL-route zal geen officiële icoonroute worden. Daar komt écht veel bij kijken. Denk alleen al aan de fysieke bewegwijzering. Ik snap heel goed, dat dit landelijk project z’n eigen strategie heeft.
Wat me echter nog wel wat frustreert, dat is dat ik er tot dusver niet in ben geslaagd om Grensfiesen.NL in het de database met fietsroutes en fietsgidsen, op de online platforms, te krijgen.
Er zijn al heel wat mailtjes die kant op gegaan, maar tot dusver zonder resultaat.

Het boek ‘Grensfietsen.NL – 17 etappes langs onze landsgrens’ vindt nu z’n aftrek via deze website en via de reisboekenwinkels. Maar naar mijn zin gaat ’t lang niet hard genoeg en krijgt m’n prachtige project nog lang niet de aandacht dit het verdient. Volhouden maar! 😉

[Etappe 15:] Moet Grensfietsen.NL wel Antwerpen aandoen?

“Nu volgt nog 25 kilometer fietsen door het havengebied richting het centrum van Antwerpen. Maak nog een kleine stop bij het Fort Lillo.”

Tijdens mijn grensfietstocht reed ik op een mooie zonnige novemberdag tegen de Schelde aan. Het lijkt wel een zee daar, zo breed en massief, die watermassa aan de andere kant van de dijk. Geen bruggen hier.
Zo had ik ’t ook van te voren gepland, want… geen mogelijkheid om de Schelde over te steken. En… ik vond ’t eigenlijk best een heel fascinerend stuk voor de Grensfietsen.NL-route: dit enorme havengebied en het doel, aan ’t eind: de prachtige stad Antwerpen. En dan ook nog de bijzondere wijze om aan de overkant te komen: de Sint Anna-tunnel, hartje Antwerpen.

Ik heb nu echter wel wat bijgesteld. Op de website moet ’t nog, maar voor de 2e druk van het boek (nog een paar weken en dan is-ie er) heb ik de navolgende aanpassing gedaan:

“Deze tocht naar Antwerpen is geen onoverkomelijk onderdeel van de Grensfietsen.NL-route: je kunt bij Fort Lillo een veerpontje, de Waterbus, nemen naar de overkant, naar Fort Liefkenshoek. Dé reden waarom Grensfietsen.NL het centrum van Antwerpen aandoet en verder gaat via de St.Anna-tunnel onder de Schelde hangt samen met… corona! Toen ik de tocht maakte in november 2020, was de Waterbus niet in de vaart vanwege de pandemie.

Mijn veronderstelling was, dat deze Waterbus (www.dewaterbus.be) alleen een zomerdienstregeling kent, en derhalve het nodig is voor Grensfietsen.NL de route over Antwerpen te nemen. Niets is minder waar: ook ‘s winters vaart de Waterbus!
De etappe via Antwerpen is dan ook wat langer dan gemiddeld: bijna 97 kilometer (vijf kilometer korter voor de B-routefietsers). Je kunt de route aanzienlijk inkorten met de Waterbus, je mist dan wel een prachtige overnachting in het centrum van Antwerpen!”

Zit ik nou te balen, dat Grensfietsen.NL niet klopt, aangepast moet worden?
Hmm, nee hoor, eigenlijk helemaal niet. Ik vind Antwerpen als halteplaats er juist nog steeds heel mooi bij horen. Ook al kun je inderdaad tussen de twee forten aan weerszijden van de Schelde met een pontje oversteken.
In de kern is ’t natuurlijk alleen maar mooi: zo heb je alternatieven. En het is niet zo, dat je geen lintje krijgt als je niet via Antwerpen bent gegaan. 😉